|
Uitzending Havenstad FM 9 juni 2007 |
Halo’s, lichtende nachtwolken, zonnevlekken en CO2.
Zo nu en dan kunnen er rond de zon mooie meetkundige figuren worden gezien, zoals een grote lichte cirkel, ook wel een halo genoemd. Zo’n halo ontstaat als het licht van de zon op een bepaalde manier wordt afgebogen door de talloze ijskristalletjes die op grote hoogte zweven en aanleiding geven tot de cirruswolken (sluierbewolking). De haloverschijnselen komen in vele vormen voor, ook rond de maan, en kunnen zowel wit zijn als gekleurd. Kijk dus ook bij deze soort bewolking eens extra omhoog (en dek daarbij de zon af) en ontdek de talloze optische verschijnselen die de natuur voor ons in petto heeft.
Een heel bijzondere wolkensoort is gedurende de periode van de korte nachten soms midden in de nacht laag boven de horizon te zien tussen het noordwesten en noordoosten. De zon die niet al te diep onder de horizon staat is dan nog in staat de zeer hoge bewolking (tot 100 km hoogte) zodanig te verlichten dat deze vanaf de aarde nog te zien zijn. Deze wolken zijn bekend onder de naam “Lichtende Nachtwolken”. Zij vertonen prachtige structuren en netwerken in de mooiste kleuren blauw, wit, groen, etc. Kijk vanaf een donkere plaats met vrij uitzicht. De wolken bestaan uit stof van meteoroïden en worden sinds kort onderzocht door de AIM-satelliet van de NASA. (Aeronomy of Ice in the Mesosphere).
Op de zon vertoonde zich de afgelopen week een groot actief gebied waarin veel vlekken waren te zien. De bijbehorende uitbarstingen hadden echter weinig invloed op het aardse magnetische veld. Kleinere zonnevlekjes waren soms wel en soms niet zichtbaar. Hoewel de zon in een minimum van activiteit verkeert, is er toch nog van alles aan de hand. De afgifte van energie gaat met allerlei interessante verschijnselen gepaard.
De leiders van de G8 hebben na de conferentie in het Duitse Heiligendamm de bevolking tevreden proberen te stellen over de uitstoot van koolzuurgas (CO2) en de bestrijding van ziektes. In Nederland gingen stemmen op om het overtollige CO2-gas op te bergen in de lege aardgasholtes in de provincie Groningen of aan de tuinbouw te leveren. Het is de vraag of de hoge kosten die met het opbergen gepaard gaan niet beter besteed kunnen worden, zoals voor de versteviging van de dijken. Misschien zijn we dan over 1000 of 10.000 jaar wel blij dat de CO2 nog in de atmosfeer zit en de aarde kan behoeden voor al te erge kou op weg naar de volgende IJstijd (“De Menselijke Maat”, prof. S.B. Kroonenberg, ISBN 9045014645). Het blijft heel moeilijk om de invloed van CO2 in de atmosfeer op de aarde te doorgronden en de menselijke factor daarin vast te stellen. Veel wetenschappers houden zich daarmee bezig en zijn in staat om de situatie op zeer lange termijn enigszins te beoordelen. De politiek probeert echter op de veel te korte termijn gebruik te maken van bepaalde onderdelen van het onderzoeksproces en in te spelen op de gevoelens van de mensen. Het is immers mogelijk om ook daaruit een bepaald voordeel te behalen.